woensdag 2 februari 2011

Ik ben een jongen....

Klik om te vergroten

.

dinsdag 1 februari 2011

Ik ben een meisje.....

Klik om te vergroten

.

zondag 30 januari 2011

Ik kan het niet, ik kan het niet! Tuurlijk wel. Zo moeilijk is het niet.


Door Eva Bronsveld
Eva is eigenaar van Buro O en schrijft, geeft training en adviseert over onderwijs (PO) en opvoeding. Ook deze column is goed te vertalen naar het VO.


Bijna iedere leerkracht heeft er wel ervaring mee. Kinderen die regelmatig verzuchten ‘Ik kan dat echt niet’ of ‘Ik snap er niks van’. En dan vervolgens inderdaad moeilijk of niet tot werken komen. Vaak zijn we dan geneigd om te reageren met ‘Probeer het maar eens, je kunt het echt wel’ of ‘Wat snap je precies niet?’ of ‘Heb je net wel goed opgelet?’ of ‘Vraag het maar aan je buurman’. Om er dan na een tijdje achter te komen dat het kind nog steeds niet zo hard is opgeschoten. Een andere benadering is dat we het kind extra instructie geven of samen de eerste opgave maken. Waarna de leerling meestal wel aan de slag gaat, maar een tijdje later weer vastloopt.
In dit artikel bespreek ik een aantal veranderingen die je in je communicatie kunt aanbrengen, waardoor veel kinderen weer in zichzelf gaan geloven en met meer vertrouwen aan een taak beginnen.

Erken de moeilijkheid
Op het moment dat een leerling zegt ‘ik kan het niet’ zegt hij eigenlijk ‘het lijkt me ontzettend moeilijk en ik twijfel aan mezelf’. En de eerste behoefte die een kind dan heeft is dat iemand hem of haar begrijpt. Je kunt dit bereiken door bijvoorbeeld te zeggen ‘Deze sommen kunnen ook ontzettend moeilijk zijn. Zeker in het begin kost het heel veel moeite om ze te snappen. Ik kan me voorstellen dat je er tegenop ziet’.
Dit druist vaak tegen ons gevoel in. Misschien maak je het juist wel erger. In de praktijk blijkt dat het voor kinderen vaak een opluchting is als ze iets gewoon moeilijk mogen vinden. En sommige kinderen gaan vervolgens gewoon aan aan het werk. Terwijl als je zou reageren met ‘Welnee, zo moeilijk zijn ze niet. Dat lukt je heus wel.’ kinderen juist harder hun best gaan doen om jou te overtuigen van het feit dat ze het echt moeilijk vinden. En hun energie dus daarin gaat zitten in plaats van in de opdrachten zelf.

Herinner aan eerdere successen
Soms kan het een kind helpen, als iemand hem of haar herinnert aan eerdere succeservaringen. Je kunt dit doen door bijvoorbeeld naar de vorige opgaven te gaan en te vragen hoe de leerling het daar heeft aangepakt. Of het kind te herinneren aan een eerdere situatie waarin hij dacht dat het niet zou lukken, en hij het toch voor elkaar heeft gekregen.

Vermijd de schuldvraag
Een kind dat moeite heeft met het beginnen aan een taak, voelt zich vaak niet prettig. Het doet zijn zelfvertrouwen natuurlijk geen goed. En dat zelfvertrouwen is juist wat hij zo hard nodig heeft om alsnog tot werken te komen. Het werkt dan vaak ook averechts als we op zoek gaan naar de oorzaak. En toch doen we dat vaak wel. ‘Heb je wel goed opgelet?’, ‘Heb je wel gelezen wat er staat?‘, ‘Heb je het eerst aan je buurman gevraagd?’.
Met name doordat we het in vraagvorm doen, voelen kinderen zich in de verdediging geduwd. Veel kinderen weten niet zo goed wat ze hierop moeten zeggen. En het antwoord dat ze geven helpt je dan meestal ook niet echt verder. Ik ben nog geen kind tegengekomen, dat antwoordde met ‘Ja inderdaad, ik had beter moeten opletten. Daardoor komt het. Ik ga vanaf morgen heel goed meedoen met de instructie’.
Wat je met dit soort vragen wel bereikt is dat kinderen zich nog onzekerder gaan voelen waardoor de kans op succes alleen maar kleiner wordt. Gewoon overslaan van dit soort vragen kan dus al helpen om het vertrouwen van het kind te vergroten.

Geef suggesties
In sommige situaties heeft het kind gewoon even een tip nodig om weer op gang te komen. Belangrijk hierbij is dat je het als een suggestie brengt.
‘Soms helpt het om de opdracht nog eens heel precies te lezen’, ‘Misschien vind je het fijner om het met iemand samen te maken’, ‘Sommige kinderen vinden het fijn om het op de computer op te zoeken, misschien helpt jou dat ook’.
Doordat je het als een suggestie brengt, kan het kind zelf bepalen wat voor hem werkt. Waardoor de kans veel groter is dat hij bereid is om je suggestie op te volgen. Zou je daarentegen zeggen ‘Je moet de opgave nog eens heel precies lezen’ reageren kinderen vaak met ‘Dat heb ik al gedaan’. Of als je zegt ‘Vraag het maar aan je buurman’ antwoorden ze met ‘Die wil me nooit iets uitleggen’.
Door door slechts een suggestie te doen, geef je het kind ruimte er over na te denken, en wellicht toe te passen.

Positieve verwachtingen
Uit verschillende onderzoeken blijkt dat de verwachtingen van leerkrachten van invloed zijn op het daadwerkelijke gedrag van kinderen. Dit wordt het Pygmalion-effect genoemd en werd voor het eerst aangetoond door de onderzoekers Rosenthal en Jacobson. Zij namen een IQ test af bij een groep leerlingen maar vervalsten de resultaten vervolgens willekeurig. Deze resultaten deelden ze vervolgens met de leerkrachten van de betreffende leerlingen. Een jaar later namen ze opnieuw een test af. Hieruit bleek dat de leerlingen waarvan de leerkrachten dachten dat ze de eerste keer een hoge score haalden, een jaar later daadwerkelijk beter presteerden. De leerkrachten hadden hun gedrag aangepast aan hun verwachtingen en dit bleek dus van invloed op het gedrag en de prestaties van de leerlingen.
Het hebben van positieve verwachtingen helpt dus als je graag wilt dat kinderen beter gedrag gaan vertonen. En dat is nu juist wat je als leerkracht vaak niet meer hebt bij kinderen die regelmatig niet aan werken toekomen of weinig vertrouwen hebben in zichzelf. Heel menselijk en begrijpelijk maar weinig ondersteunend dus.
Het kan dan helpen om bewust oog te hebben voor de momenten waarop het kind wel gewoon aan het werk gaat. Of de situaties waarin het kind wel vertrouwt op z’n eigen mogelijkheden.
Ook het uitspreken van je positieve verwachtingen richting kind kan positief werken. Bijvoorbeeld door te zeggen “Ik heb er alle vertrouwen in dat je een manier zult vinden om deze moeilijke opdracht te maken” of “Ik heb al een paar keer gemerkt dat als jij iets echt wil, het je ook altijd lukt. Daarom weet ik zeker dat ook dit je gaat lukken”. Dit is prettig voor het kind en daarnaast overtuig je op deze manier ook jezelf van de mogelijkheden van het kind.

Inbreng van het kind
Voor kinderen die moeilijk aan werken toekomen of die vaak aangeven iets niet te snappen, bedenken we vaak veel oplossingen. De leerkracht geeft verlengde instructie, plakt een stappenplan op het bureau, laat het kind met een time-timer werken of past werkbladen aan. Vaak heeft de intern begeleider ook nog goede tips. En hoewel dit allemaal zeer geschikte hulpmiddelen kunnen zijn, hebben ze vaak niet het gewenste effect. Je kunt veel meer bereiken als je het kind betrekt bij het bedenken van de oplossing. Kinderen zijn meestal namelijk heel creatief als het om dit soort dingen gaat. En daarbij zijn ze veel meer geneigd zich in te willen zetten voor iets wat ze zelf bedacht hebben, dan voor iets dat wij goedbedoeld hebben aangedragen. Je kunt kinderen bijvoorbeeld op de volgende manier vragen hierover mee te denken: “Jij kunt vast iets bedenken waardoor het voor jou makkelijker wordt om aan je werk te beginnen. Ik wil graag even met je praten om te horen welke oplossingen je kunt bedenken.”
Bijkomend voordeel is dat de leerling hier meer zelfvertrouwen van krijgt. En dat is natuurlijk juist iets wat je als leerkracht, zeker bij deze leerlingen, graag wil bevorderen.

.

woensdag 26 januari 2011

Filmpje over jongeren, seks en internet, van Digivaardig & Digibewust

Hoe denken jongeren over seks en internet? Wat gebeurt er als je een foto van je decolleté op je Hyves zet? En is internet nou makkelijker dan real life contact? Kennen jongeren de gevaren van internet? De jongeren die aan het woord zijn weten goed te vertellen wat er allemaal kan gebeuren op internet met betrekking tot seks. Het filmpje was een introductie op het symposium ‘Kinderen, seks & internet’ in Amsterdam wat 18 januari plaatsvond.



Bron: www.jongenjewilwat.nl

.

vrijdag 21 januari 2011

HELP! Een ouder!

In het AOB blad van deze maand staat een artikel met dezelfde titel. Bij deze onze blz. uit 'knaplastig' over omgaan met 'lastige' ouders.

Klik om te vergroten

Later deze maand het artikel van @EricWentWerkt op dit blog

.

dinsdag 18 januari 2011

Trots!


Recensie Vives

.

zondag 16 januari 2011

Met animatie werkt ie nog beter!


Dank @Roh en Gerard de Jong

.

woensdag 12 januari 2011

Aanspreken

‘Elkaar aanspreken’ vinden veel mensen lastig, zo ook docenten. Eerst zeggen we niets, en voordat we het weten ontploffen we en nagelen we iemand aan de schandpaal. Als je wilt dat je boodschap aankomt, moet je zien te voorkómen dat je de ander beschadigt of pijn doet. Daarom kun je kritiek in het algemeen beter fluisteren en complimenten hardop uiten. Juist door het niet ‘over de klas heen te doen’, kun je een leerling met je kritiek of aanwijzingen effectiever aanspreken. Een leerling die een geroepen aanwijzing negeert of luid protesteert, doet vaak meteen wat je vraagt als je dat wat stiller doet.
In oplopende heftigheid zijn 3 manieren van iemand aanspreken:
1. ‘Ho, stop eens even’
2. ‘Halt, je gaat een stap te ver’
3. ‘Hier jij!’

Waar je ook voor staat de kern van effectief aanspreken berust op:

  • Je maakt persoonlijk contact en onderhoudt dat contact (relatie).
  • Je spreekt elkaar aan op ieders zelfstandigheid en verantwoordelijkheid (autonomie).
  • Je gaat er vanuit dat de ander in staat is een stapje terug te doen of een andere weg in te slaan (competentie).
Meer informatie over hoe aan te spreken en leerlingen te betrekken bij regels en straffen, zie de brochure van Baas in eigen Soap.

.

dinsdag 11 januari 2011

Boys & Girls. -Gurian, Stevens en Kings-


Deze week is de vertaling uit van het boek van Gurian, Stevens en King: Boys & Girls Strategieën voor onderwijs aan Jongens en Meisjes in het basisonderwijs.
In 2008 bracht ik een bezoek aan het Gurian Institute en daarvoor had ik al diverse contacten met Gurian. Ik heb lang gezocht naar uitgevers die bereid waren om iets van Michael Gurian’s werk te vertalen in het Nederlands, en vond uiteindelijk ‘Onderwijs maak je samen’ in Helmond bereid het mogelijke risico te nemen en dit boek op de markt te brengen. Alle eer aan Michael Gurian, Kathy Stevens en Kelley King en de uitgever. Ik ben er trots op aan de uitgave te hebben kunnen bijdragen in een uiterst plezierige en nuttige samenwerking met de uitgever.
In mijn vele lezingen, adviestrajecten, onderzoek en workshops ben ik vaak tegengekomen dat opvoeders, begeleiders, leerkrachten en hulpverleners moeite hadden met het gedrag van jongens.Hopelijk leidt dit boek ertoe dat leerkrachten meer plezier zullen hebben in hun werk en dat zowel jongens als meisjes in het primaire onderwijs meer recht wordt gedaan in hun eigen aardigheden en hun eigen ontwikkeling.
Dit werkboek is ook prima inzetbaar op de PABO’s waar tot nu toe weinig aandacht is besteed aan de soms optredende verschillen tussen jongens en meisjes. Het boek kan veel inspiratie opleveren voor educatieve voorzieningen rond het primaire onderwijs zoals vroege voorschoolse educatie en ook buitenschoolse opvang.
Ik beveel het hartelijk in jullie aandacht aan. Mogelijk wil je er ook anderen op attenderen.
Nadere informatie vindt je op mijn site of op onderwijsmaakjesamen waar je het boek direct kunt bestellen.



Lauk Woltring, 07-01-2011

.

vrijdag 17 december 2010

Don't know what we want......

Will you (teachers) help us?



Fijne vakantie!
Knaplastig

.

maandag 13 december 2010

knaplastige ouders

Veel scholen hebben deze weken ouderavonden. Tien minuten om de ouders iets te vertellen, iets te vragen en misschien ook nog iets op te lossen is niet veel. Zeker niet als de volgende ouders al in je nek staan te hijgen. De kunst is om to-the-point te komen. Wat helpt is om voordat je start van elke leerling in één zin op te schrijven wat voor jou het belangrijkste is om te communiceren.
Het gebeurt in zo’n 10 minutengesprek nogal eens dat je met z’n allen in een bepaalde rol schiet: de een beschuldigt, de ander voelt zich slachtoffer, en de derde probeert te redden wat er te redden valt. Dit type conversatie staat bekend als ‘de drama-driehoek’. Zoals de naam al suggereert: vruchtbaar wordt zo’n gesprek nooit. Op de post van 30 december 2009 enkele tips voor als je voelt dat je toch in een dergelijke wurggesprek terecht bent gekomen.
En dan heb je nog ouders van één van je lastigste leerlingen die je willen zien. De meesten van ons vinden dit de moeilijkste gesprekken. Je wilt het liefste de 10 minuten volspuien hoe vreselijk hun zoon of dochter zich gedraagt en hoe hij het bloed onder je nagels vandaan haalt. Wat moet je de ouders zeggen? Er is maar één oplossing: Vraag raad bij hen! Elke ouder zal blij zijn als jij vraagt: “ik heb er moeite mee om uw zoon of dochter bij de les te houden. U kent uw kind het beste. Kunt u mij een paar tips geven?”

.

zaterdag 11 december 2010

24 uur per dag naar school?

'Met een koel hoofd en een warm hart' L. Altelaar directeur Wyldemerk

Campus Wyldemerk is een unieke 24-uurs leef- en leerplaats voor jongeren die zowel thuis als op school vastlopen zijn of dit dreigen te gaan doen. De Wyldemerk is er voor jongeren die al bezig zijn geweest thuis hun leven weer op orde te krijgen, maar waar dit onvoldoende lukt. Vaak zijn er al contacten geweest met de leerplichtambtenaar, een reboundvoorziening en/of jeugdhulpverlening in welke vorm dan ook.

De studenten hebben in de loop van de tijd gedrag ontwikkeld wat hen tegenwerkt. Vaak is het dag- en nachtritme een probleem, soms zijn er moeilijkheden in de thuissituatie en meestal is er sprake van veel leerachterstand, slechte cijfers en veel spijbelen. Het gevolg hiervan is dat de schoolcarrière stagneert en er nauwelijks meer sprake is van leren op het persoonlijke vlak (wie ben ik en wat is mijn plek binnen mijn gezin, vriendenkring en/of maatschappij) maar uiteraard ook op onderwijsgebied (van school verwijderd worden).

En dan:

Op de Wyldemerk zoeken studenten met hun begeleiders naar een manier om het gedrag wat hen tegenhoudt om te zetten in doelmatig gedrag zodat ze wél daar komen waar ze willen zijn.

Het weer op gang helpen van het leren staat daarbij centraal. De ervaring leert: Onderwijs en persoonlijke ontwikkeling gaat beter.

Op campus Wyldemerk staan twee zaken steeds centraal:

  • het behalen van een overgangsbewijs, diploma of startkwalificatie.
  • werken aan je persoonlijke ontwikkeling.

Bezoek hier de website van Wyldemerk

.

vrijdag 3 december 2010

Straffen is zo van vroeger



Straf werkt lang niet altijd

Veel leraren kunnen er niet omheen: ze móeten soms straf geven om orde te houden. Tegelijk weten ze vaak niet wat ze ermee aan moeten. Want straf werkt lang niet altijd.

Lees hier het hele artikel



Docenten: leerlingen straffen werkt niet

Leraren denken dat het straffen van leerlingen weinig zin heeft. De meeste docenten in het voortgezet onderwijs sturen wel eens iemand de klas uit, maar veel van hen betwijfelen het nut van de ingreep. Ze denken dat hun leerlingen alle straffen al gewend zijn.

Lees hier over de enquête onder 850 leraren

Trouw, 3december 2010

.

woensdag 1 december 2010

Vingers opsteken in de klas blijkt niet te werken


Hoe kan een leraar zijn leerlingen het beste bij de les betrekken? Een Engels experiment zocht het uit.

Het is zó gewoon dat bijna niemand zich ooit afvraagt of het wel goed werkt: de leraar stelt een vraag, leerlingen die het weten, steken hun vinger op en een van hen mag het antwoord geven.

Een Engelse hoogleraar onderwijskunde nam de proef op de som en verbood een klas vol kinderen hun vingers op te steken. En wat blijkt? De leerlingen boekten in tien weken tijd twee keer zo veel vooruitgang als een vergelijkbare klas waar wel vingers opgestoken mochten worden.

Lees hier het hele artikel

Trouw, 2010

.

maandag 29 november 2010

Lastige gedachtes

'Als de repressie hard is, breekt er oproer uit' stelt Henri Beunders vorige week in de opiniepagina van het NRC. Naar aanleiding van incidenten wordt hard geroepen om tucht en orde: 'een taakstraf op straat in herkenbare kleding' of 'een avondklok' voor de 10-jarige bloembollengooiers in Gouda. Naar aanleiding van de strandrellen in Hoek van Holland is er een groot onderzoek gedaan naar groepsgeweld en de oorzaken ervan. De onderzoekers konden de afgelopen 4 jaar nauwelijks iets vinden! Langer terugkijkend de geschiedenis in blijken alle vormen van onvoorspelbare geweldsuitbarstingen te wijten aan 'opgelegde rust door harde hand' en 'afgepakte pleziertjes'. De balans tussen plicht, moraal en vrijheid is zoek.

De extreme gevoeligheid over elke vorm van onaangepast gedrag begint zorgelijke vormen aan te nemen. Oorzaak van de paniek volgens Beunders terug te brengen tot de bedreiging die men voelt door grote golven van migratie en mobiliteit. Als je je bedreigd voelt probeer je een muur te bouwen tussen jezelf en 'de ander'... dat kan door je kleding, je accent, je bekakte stem of wat je ook maar kan bedenken om het verschil tussen wij en zij te markeren. En op het moment dat je ook maar ergens iets ziet dat je niet bevalt, dik je dat aan ('straattuig heer en meester in Gouda') en oplossingen als tucht ('tuchthuis') en segregatie ('weg uit mijn buurt') vinden dan gretig gehoor.
Ik herken dit beeld op scholen. We raken maar niet uitgepraat over die jongen met wiet in z'n kluisje, over dat meisje dat de conciërge heeft uitgescholden. Het gaat allang niet meer om wat er gebeurt is maar hoe iedereen er tegenaan kijkt, hoe erg we het allemaal vinden en hoe het verhaal groter wordt en niet lijkt te stoppen. Epictetus (55-135 n.C) schreef hierover: 'de mens heeft het meeste last van de beoordeling van de feiten of gebeurtenissen, en niet zozeer van de feiten en gebeurtenissen zelf'. Lastige leerlingen?...Nee, lastige gedachtes.. leuke subtitel voor dit blog...

foto: Ferry van Iersel | oetsie - www.oetsie.nl

.

maandag 22 november 2010

Orde houden

Ik sprak vorige week een docent bij wie de lessen niet altijd lekker liepen. Hij kende nog niet alle namen... 'het gaat er niet in, de oude dag, weet je wel'. Rene Kneyber maakte samen met leraar24 een 5-tal filmpjes over orde houden. Het eerste filmpje gaat over een band opbouwen.....en het belang van namen kennen.

Benieuwd naar de andere filmpjes van René Kneyber? Klik hier.

.

vrijdag 19 november 2010

Allomoeders

Een tijdje geleden las ik dat ongeveer de helft van de docenten vindt dat ze geen opvoedende taak heeft. Hoe kan dat nu? De hele dag heb je de kinderen om je heen, je geeft ze structuur, je geeft ze ruimte en grenzen om zich te uiten en te ontdekken, je geeft het goede en soms ook het foute voorbeeld. Kortom: of je wilt of niet… je bent bezig met opvoeding.
Sarah Hrdy hield vorige week de Tinberglezing in Leiden. Dit gaf mij weer een hele andere kijk op de opvoedende taak van docenten. Zij doet baanbrekend onderzoek op de grens tussen biologie en antropologie. Kinderen die opgevoed zijn door meerdere mensen blijken veel meer zelfvertrouwen te hebben en zich cognitief zich sneller te ontwikkelen. In de oertijd schijnen we door 5 tot 24 ‘allomoeders’ (surrogaatouders) te zijn opgevoed: door tantes, oma’s, oudere broers en zussen. Doordat kinderen hechten aan meerdere verzorgers krijgen ze een groter inlevingsvermogen, zijn behulpzamer en beschikken over een groter vermogen om verschillende gezichtspunten met elkaar te verenigen. En….(zoveel zijn we niet veranderd)…waarschijnlijk hebben kinderen dat nog steeds nodig. Dus veel ‘allomoeders’ waaraan kinderen zich kunnen hechten, die emotioneel aan hen verbonden zijn, waaraan ze zich kunnen spiegelen, voor kortere of langere tijd. Denk daar eens aan op het moment dat je de rust neemt, je klas rondkijkt en dat ene meisje of die ene jongen je aankijkt…

.

dinsdag 16 november 2010

maandag 8 november 2010

Oplossingsgericht werken in het onderwijs


Ken je dat? Je rolt van het ene incident in het andere. Je krijgt niet echt vat op wat er aan de hand is. Probleem – oplossing – probleem – oplossing – enz. enz. We vergeten wel eens een stapje achteruit te doen om te kijken naar het patroon achter al die problemen.

Het handboek oplossingsgericht werken in het onderwijs biedt veel handvatten om dat wel te doen zonder je te laten sturen door de problemen: stilstaan bij wat je echt zou willen, je bewust worden van de kwaliteiten die je hebt in te zetten en werken aan structurele oplossingen.

Het krachtige vind ik dat deze manier van werken uitgaat van mogelijkhedenen niet van problemen en wat er niet kan.

Het boek is zeer toegankelijk en veel is direct toepasbaar. Een echte aanrader voor coaches, IB’ers, teamleiders, docenten, eigenlijk alle onderwijsmensen.

Ik ben er als senior coach in elk geval heel enthousiast over.

Louis Cauffman & Dick J. van Dijk, Handboek oplssingsgericht werken in het onderwijs, Boom onderwijs Amsterdam. 2009.

Boektip van Jacqueline Schoones

j.schoones@aps.nl

Hier te bestellen

.

zondag 7 november 2010

zondag 31 oktober 2010

EERLIJK, GOUDEERLIJK, KEIHARD EERLIJK


Ondanks de negatieve beeldvorming door de media, kunnen we toch stellen dat het eigenlijk heel erg goed gaat met onze jeugd. Het lijkt misschien raar, maar onze jeugd is nog nooit zo ‘volwassen’ geweest als in deze tijd. nog niet eerder zagen we dat jongeren zoveel positieve kenmerken laten zien. Ze zijn bevlogen, betrokken (ja, ook maatschappelijk en bij de politiek), ze zijn enthousiast, ze hebben er zin in. De criminaliteitscijfers van jongeren zijn al jaren dalende, de trend van het op steeds jongere leeftijd gaan drin- ken is alweer gekeerd, het aantal jongeren dat rookt is lager dan ooit… maar ze zijn daarnaast lastiger dan ooit. Want ook al hebben ze zin in leren, ze hebben geen zin in lege of slechte lessen in onderwerpen waar ze voor hun gevoel niets aan hebben – en dat zullen ze laten weten ook. Ook al willen ze maar al te graag werken (en dat doen ze dan ook bijna allemaal), ze hebben geen zin om het slaafje of de jongste bediende te zijn die alle rotklusjes mag opknappen – en vertrekken dus rustig op zoek naar een andere baan. Ze willen best respect tonen, maar willen het vooral eerst ook zelf krijgen. Ze kijken naar ons en prikken dwars door ons heen, en zijn daar ook nog eens goudeerlijk over. Eerlijk in hun meningen over alles wat ze zien en meemaken, eerlijk over hun school, over hun docent, over hun vrienden, over de wereld, over de politiek, over commercie en bedrijven. Want jongeren kijken naar ons met een andere bril op, zien de wereld op een andere manier dan wij en prikken dwars door de door ons geschapen illusies heen.

Lees alles over de GENERATIE EINSTEIN 3.0 op hun site

.

zaterdag 30 oktober 2010

Mentorboard

Klik op de afbeelding om hem groter te maken.






Volgende maand volgt hier de handleiding over hoe je het mentorboard kan gebruiken.

Vragen over mentorboard? Mail: knaplastig@aps.nl

.

vrijdag 29 oktober 2010

Een veilig pedagogisch schoolklimaat in het voortgezet onderwijs


Omgaan met grensoverschrijdend pubergedrag in het onderwijs

Door Daan Wienke en Corian Messing

Een veilig pedagogisch schoolklimaat is een belangrijke voorwaarde voor effectief onderwijs. Het scheppen van zo’n schoolklimaat in het voortgezet onderwijs stelt hoge eisen aan docenten. Zij moeten effectief lesgeven, een goede werksfeer scheppen, regels consequent handhaven en passende maatregelen nemen bij overtreding van die regels. Belangrijk daarbij is dat een docent normaal, grensoverschrijdend pubergedrag niet te snel bestempelt als psychosociaal probleemgedrag.


In Nederland volgen meer dan negenhonderdduizend leerlingen voortgezet onderwijs op circa 650 scholen. 87 procent van die scholen levert onderwijs dat voldoet aan de basiscriteria van de Onderwijsinspectie. In de grote steden komen naar verhouding de meeste zwak presterende scholen voor. Op 1 januari 2009 waren 26 scholen voor voortgezet onderwijs als zeer zwak gekwalificeerd. Relatief vaak zijn dat scholen die alleen vmbo bieden.
De wijze waarop onderwijs tegenwoordig wordt aangeboden, draagt bij aan een klimaat waarin leerlingen zich thuis voelen. De rol van ict is toegenomen en in de onderbouw werken docenten steeds vaker in kleine kernteams. Onderwijs vindt niet meer altijd in een klaslokaal plaats, maar bijvoorbeeld in een grote ruimte waar de leerlingen projectmatig werken in kleine groepjes. Het vmbo biedt naast traditionele vakken programma’s en leergebieden die lesstof van meerdere vakken integreren. Samenwerken met het vervolgonderwijs en het bedrijfsleven wordt steeds vanzelfsprekender.
De kwaliteit van het voortgezet onderwijs is al enkele jaren stabiel. Als te verbeteren punten noemt de Onderwijsinspectie de afstemming van het onderwijs op verschillen in begaafdheid en interesse tussen leerlingen, efficiënt gebruik van de onderwijstijd, taakgericht werken, de leerlingenzorg, en de kwaliteit van het deel van het eindexamen dat de school zelf samenstelt (Inspectie van het Onderwijs, 2009).
Over het algemeen gaan leraren en leerlingen respectvol met elkaar om. Wel stelt de Onderwijsinspectie dat uit lesobservaties blijkt dat veel leraren genoegen nemen met een niet bevredigende pedagogisch-didactische situatie. De klas is bijvoorbeeld niet echt gemotiveerd, er ontbreekt een ordelijk klimaat of de prestaties van de leerlingen vallen tegen. De lestijd wordt vaak weinig efficiënt benut, gewoonlijk omdat docenten veel tijd besteden aan het aanpakken van ordeproblemen. De werksfeer is niet taakgericht. Leraren dagen leerlingen vaak onvoldoende uit, doordat ze geen eigen verantwoordelijkheid van hen eisen. Mede daardoor ervaren leerlingen de lessen vaak als saai.



Lees verder, download het hele artikel
hier

.

donderdag 28 oktober 2010

In de lerarenkamer...








.

maandag 25 oktober 2010

Vroeger

Ik had het idee dat de leerlingen vroeger veel minder lastig waren. Tot mijn vader van 84 laatst begon te vertellen over zijn schooltijd. Over hoe een klasgenoot van hem een docent tegen het bord omhoog hield, en de docent, met bungelende benen, hem moest beloven dat hij nooit meer zo'n foute opmerking mocht maken. Dat soort verhalen. Blagen waren het.
En dan nu dit filmpje uit 1947...eerst hoe je het uit de hand kan laten lopen... en vervolgens hoe je het ook zou kunnen doen. Over angst en respect... met tips in de voice over nog even waardevol als toen.

.

dinsdag 19 oktober 2010

Alvast een kijkje in het boek


Over sommige onderwerpen wordt niet gesproken in de lerarenkamer. Daarom vonden wij het tijd voor een boek over zo’n onderwerp: 'knap lastig' pubergedrag in de klas. Want als er niet over gepraat kan worden, dan moet er maar over worden gelezen.

Als docent is het vaak moeilijk om aan te geven dat je bepaald gedrag niet aankan. Logisch. Je kwetsbaar opstellen is óók knap lastig!

Met het boek Knaplastig, lesgeven aan pubers gaan we dit onderwerp wél aan: op een serieuze, luchtige en humoristische toon.

In samenwerking met een aantal prominenten zoals Martine Delfos, Kees van der Wolf en Johan Hamstra geven we tips, reiken werkvormen en concepten aan. Maar belangrijker: we geven met het boek een instrument in handen om het gesprek over lastig pubergedrag te openen en het lesgeven aan pubers weer leuker, makkelijker én beter te maken.

Alvast een kijkje in het boek? Hier een paar voorbeeldpagina’s, zodat je een beeld kunt vormen van het geheel.


Je kunt het boek bestellen voor € 14,95 (exclusief verzendkosten) via link helemaal rechts boven.

Geef 't door aan je schoolleider: leuk idee als kerstcadeau voor 't hele team.

.

zaterdag 16 oktober 2010

Onderwijs stagneert, onderwijs stroomt. SARVinternational

Leerlingen:

‘Voor de havo heb je meer discipline nodig. Ik weet wel hoe het werkt discipline, maar het lukt me nog niet om het te doen.’

‘Alle VMBO-ers hebben geen discipline. Anders hadden we wel HAVO gedaan…’





Zijn leerlingen bezig met gezonde tegenzin en zo weinig mogelijk inspanning het diploma te behalen? Of zijn ze eindeloos veel aan het leren?


Duizenden leerlingen en honderden leraren hebben de schrijvers verteld hoe het leren kan stromen. Hoe leerlingen van nu op school kunnen groeien en bloeien. Een overvloed aan inzichten en tips over hoe leren werkt, en hoe het elk jaar beter gaat. Voor leraren en management, maar ook voor de leerlingen zelf, hun ouders en iedereen met een hart voor onderwijs.
Dit boek is zeker niet het laatste woord over dit onderwerp maar een stap op de weg naar een verrijking van het leerproces.

Leren is leuk!




Check HIER hoe je het boek kan kopen en meer kunt lezen over SARV


‘Als je goed bent in een vak gaat het allemaal wat makkelijker en voel je je geweldig. De vraag is hoe je dat gevoel van vertrouwen ook krijgt voor moeilijke vakken.’



.

maandag 11 oktober 2010

Leerlingenbespreking (lekker ontspannen....of....?)

Oktober is op vrijwel alle scholen de maand van de eerste leerlingenbesprekingen.

Herkent u daarbij het volgende beeld?

Mentor: ‘Michelle is een leuke meid, maar ze kletst wel heel erg veel’
Docent 1: ‘ja inderdaad, de helft van de tijd zit ze omgekeerd met haar vriendin te praten’
Docent 2: ‘ongelooflijk, het houdt maar niet op’
Docent 3: ‘maar ze heeft het thuis ook niet gemakkelijk, met zo’n broer’
Docent 4: ‘als het niet ophoudt met dat geklets, zie ik haar geen voldoende halen’

Als alle docenten er het nodige over gezegd hebben, weten we wat we eigenlijk al wisten:
Michelle kletst heel veel en overal, en veel collega’s hebben er last van. Zo gaat het door..leerling na leerling …en dat 3 middagen achter elkaar. Ik ken ze heel goed deze besprekingen..lekker ontspannen …we leunen achterover en roepen af en toe waar we last van hebben. Heerlijk is dat: even collega’s onder elkaar….
Niemand dwingt mij ook maar één seconde na te denken over de enige vraag die Michelle (en mij) écht verder kan brengen, nml: “Wat heeft Michelle van ons nodig om zich op haar werk te kunnen focussen?” De meest wezenlijke vraag van de hele leerlingenbespreking begint met ‘hoe kunnen wij (of hoe kan ik) …….?’. Pas als we deze vraag aandurven kunnen we als docententeam beter worden, beter als docenten en pedagogen en beter in het omgaan en voorkomen van gedragsproblemen.

Om je op gang te brengen … hierbij een opbouw die richting geeft. Vraag 1 t/m 3 heeft de mentor al voorbereid, over vraag 4 t/m 6 gaat de bespreking.

(klik op het plaatje om hem uit te vergroten)

.

donderdag 7 oktober 2010

Over de streep

Documentaire van Jessica Villerius over de belevingswereld van scholieren op de middelbare school.
Voor deze film gingen vijfenzeventig leerlingen van het Amsterdamse IJburgcollege een bijzondere uitdaging aan: Challenge Day. Een grensverleggende methode uit Amerika, die onder andere wordt ingezet om pesten op scholen tegen te gaan en wederzijds respect te stimuleren.

Get Microsoft Silverlight
Of bekijk de flash versie.


Soms misschien een beetje 'over the top', maar een enorme aanrader!

.